Laos

•July 8, 2010 • 6 Comments

Vanuit Hanoi zou ons volgende bestemming Vientiane in Laos worden, 20 uur in de bus die door velen als een helse trip werd omschreven. Niets bleek minder waar. Een bus met oncomfortabele stoelen en volgestampt met dozen, zakken rijst en smerige lui. Met name de Canadeze hoer die met haar knieen iedere keer weer mijn rug wist te vinden. Na aankomst stelde ik uit woede voor om meteen door naar Thailand te rijden omdat Vientiane nog niet al te best voldeed, ik was doodziek van de busreis en er zaten meteen afzetters op ons te azen. Maar gelukkig zijn we toch in Laos gebleven en snel uit Vientiane vertrokken om naar het bekende Vang Vieng af te reizen.

In Vang Vieng hadden we een hele chille en goedkope kamer, mooie natuur om de hoek en vriendelijke mensen om ons heen. Het eerste wat we hier hebben gedaan is een grot bezwommen, niet ver van ons hotel verwijderd. Tegen het koele sterk stromende helderblauwe water kon je na enige inspanning de grot bewonderen, vanuit ditzelfde water. Wij troffen het omdat er net een Amerikaan uit ons hotel met een hoofdlamp aan kwam zetten, zo konden we in plaats van 20-25 meter zo’n 50-60 meter van de grot bekijken. Op de middag werden we meegenomen door een gestoorde Engelsman (Josh) nog een Engelse (Richard) en een Duitser (Victor) om te gaan tuben. Dit is in een rubberband door de rivier meegesleept worden, maar vooral veel zuipen aan de tientallen barretjes die hier te vinden zijn, allen voorzien van verschillende manieren om de bezoekers te entertainen. Swings waarmee je in het water kan afspringen, glijbanen, moddervolleybal, drankspelletjes, enzovoorts. Josh had ons aangezet tot het drinken van tientallen gratis whiskeyshotjes, hijzelf nam nog tig meer. Het was dan ook niet verwonderlijk dat we hem tijdens de tubing madness kwijt waren geraakt, we verwachtten dat hij ergens in Vietnam in de Mekong Delta aan zou spoelen. Echter terug bij het hotel was hij alweer aanwezig. Omdat iedereen in de stemming was gingen we de nacht nog door met zuipen, Josh had weer de vreemdste acties en wederom was hij uit het niets verdwenen. De volgende dag was iedereen van de kaart, ik was waarschijnlijk de last man standing, de rest lag de hele dag op bed. Tim voelde zich zelfs te slecht om ‘s avonds Nederland vanuit de kroeg aan te moedigen.

De volgende dag zijn we naar Luang Prabang gegaan, vergezeld door Victor. Richard zou in de eerste instantie ook mee, maar die had iemand ontmoet in Vang Vieng. Luang Prabang, dat erg hoog in de top van mooiste steden ter wereld staat genoteerd, was niet heel speciaal. Hier zijn veel tempels en koloniale architectuur terug te vinden, omdat wij deze al volop hadden gezien gedurende onze reizen vonden we het stadje zelf niet zo indrukwekkend. De watervallen die een uurtje rijden verwijderd lagen van de stad waren dit gelukkig wel. Gekenmerkt door helderblauw water en aardige hoogte was dit een waar schouwspel. Bovenaan de waterval was zelfs een poel waar je vanaf de kliffen kon afspringen. Hier kon je ook op het randje van de waterval zitten zonder gevaar te lopen door de stroming mee naar beneden te worden getrokken.

Terug in Luang Prabang hebben we de slowboat richting Huay Xai genomen. De eerste dag op de slowboat duurde langer dan verwacht. Het landschap langs de zijde van de rivier was beeldschoon, maar veranderde weinig gedurende de rit. Regelmatig passeerden we kleine dorpjes gevuld met rieten hutjes en houten bootjes, waterbuffels in het water en zelfs een stel olifanten langs de waterzijde. Na een nacht in Pak Beng voeren we verder, dag 2 was een herhaling van dag 1. In Huay Xai hebben we ‘s nachts om 01:30 nog de halve finale gezien, om de volgende ochtend in bijna 11 uur tijd, verdeeld over 3 busritten, in Pai te arriveren.

Nam II

•July 4, 2010 • 4 Comments

Hoi An bleek niet het historische stadje te zijn waarop we gehoopt hadden, op een paar oude gebouwen na en een bruggetje gebouwd in Japanse stijl was er niet al teveel te zien. We hebben bijna een dagdeel rondgelopen in de fikkende zon op zoek naar het oude centrum. Toen we het eindelijk ‘gevonden’ hadden bleken we er al tig keer langs te zijn gelopen. Op de geraamtes en enkele details na was er weinig over van de originele gebouwen. Net als overal in Azie was de hele straat omgetoverd tot een plek waar van alles verkocht werd; in dit geval vooral souvenirs.

De volgende ochtend kwamen we aan in Ninh Binh, hier gun je niemand een verblijf. Gelukkig hoefden we in het stadje zelf niet al te lang te verblijven. We hebben een motor gehuurd en zijn richting Tam Coc geragd. Door de gaten in het asfalt, tussen de rijstvelden door over kleine zandpaadjes, over een onafgebouwde snelweg en waarschijnlijk zelfs door enkele mijnenvelden. Op weg naar Tam Coc zagen we in de verte een tempeltje op de top van een berg. Na vijf minuten rijden hebben we ons voertuigje geparkeerd en zijn aan de beklimming van de trap begonnen. Dit was pijn lijden, maar eenmaal boven werden we beloond met een prachtig uitzicht over de bergen, rijstvelden en rivieren: goddelijk.

We vervolgden onze reis, vijf kilometer verderop bevond zich Tam Coc. Als we de foto’s en verhalen moesten geloven zou dit een heel mooi gebied moeten zijn. Ze noemen het hier schijnbaar ‘het Halong Bay in de Rijstvelden’, veelbelovend.. Na een kleine drie kwartier in de roeiboot te hebben gezeten met twee Vietnameze vrouwtjes begonnen we ons af te vragen wanneer het landschap zou veranderen. We bevonden ons namelijk nog steeds in de bewoonde wereld; huisjes aan de oever, afval in het water en mensen op motoren en fietsen die ons aan land passeerden. Wel waren we inmiddels twee niet al te indrukwekkende grotten doorgevaren. Helaas keerden we om en voeren we langs dezelfde weg terug. Het sprookjesachtige landschap hebben we hier niet kunnen vinden.

Na een lange rit en veel verdwalen en zoeken waren we eindelijk aangekomen in Van Long. Het was al te laat om nog een boottocht te doen – het zou spoedig donker worden – maar we vonden het landschap zo al mooi genoeg. En zelf rondrijden op een motortje in de natuur van Vietnam is een godsgeschenk op zich.

Terug in Ninh Binh zagen we dat we bijna geen Vietnameze Dongs (de valuta) meer hadden. De volgende ochtend zouden we op de bus richting Halong Bay gaan en bovendien moest het hotel nog worden betaald. Al gauw kwamen we erachter dat niet alle pinautomaten onze pasjes accepteerden, en een dik half uur later (nadat we letterlijk elke automaat hadden gecheckt) bleek dat we hier uberhaupt geen geld zouden kunnen opnemen. Voor het eerst hadden we het eventjes helemaal gehad met reizen, Menno stond volgens mij op het punt een bloedbad aan te richten onder de Vietnameze bevolking in Ninh Binh. Gelukkig was het wel mogelijk om de volgende dag Thais geld te wisselen. We zijn zonder eten naar bed gegaan en de volgende ochtend waren we blij dat we em peerden naar een beter oord.

Dit oord was Halong City, poort naar het legendarische Halong Bay. Het landschap daar is uniek; duizenden enorme rotsen die recht uit de zee oprijzen. Een meerdaagse boottocht vonden we iets te duur dus hebben we een dagtripje geboekt. Dit was zeker de moeite waard. Helaas is het met woorden en (onprofessionele) foto’s niet uit te leggen hoe het er daar exact uitziet.

Halong City zelf had niet zoveel te bieden, we zijn dan ook de volgende dag met de bus richting Hanoi gegaan. Een grote stad, maar zoveel meer sfeer dan Saigon. Maar goed, het is gewoon een stad en dus na een paar dagen niet zo chill meer. De reden dat we iets langer in Hanoi zijn gebleven is dat we aankwamen vlak voor het weekend en dus onze visas voor Laos niet eerder konden regelen. Ik heb het eerste (en tot dusver enige) seizoen van ‘Spartacus: Blood and Sand’ uitgekeken. Wat een meesterlijke serie, zeer goed tijdverdrijf.

Return of the Kings

•June 28, 2010 • 9 Comments

Na een intensieve reis door Zuid-Oost Azie van inmiddels ongeveer vijf weken hebben we het besluit genomen om 20 juli naar huis te gaan (14:45 uur Nederlandse tijd komen we aan). De vliegtickets zijn vandaag geboekt.

Over ongeveer anderhalf uur vertrekken we met de bus richting Laos (een rit van 24 – 40 uur, waarschijnlijk een helse rit). Daar gaan we een week rondreizen om vervolgens in het noord-oosten de grens over te steken om terug te keren naar Thailand. Aldaar gaan we de noordelijke provincien bekijken, het echte Thailand naar het schijnt. Mochten we nog genoeg tijd hebben dan knopen we er een bezoekje aan een minder toeristisch eiland aan vast: Ko Chang, om vervolgens verder te reizen naar Bangkok.

We verwachten een (verdomd) groots welkom in Nederland. Daarnaast hopen we permissie te krijgen van onze ouders (en de buren) voor een feestje op hun terrein.

Groeten vanuit Hanoi, Vietnam

Menno & Tim

Da Nam

•June 27, 2010 • 2 Comments

Cambodia

•June 27, 2010 • 1 Comment

Thailand

•June 27, 2010 • 1 Comment

Nam

•June 25, 2010 • 6 Comments

Op aandringen van mams proberen we iets positiever te schrijven over Cambodja en andere ergernissen in Zuid-Oost Azie, deze vallen overigens in het niets tegenover de vele schoonheden die de landen hier te bieden hebben.

In Cambodja hebben we niet veel tijd verbracht, we hebben eigenlijk alleen de steden Seam Reap en Phnom Phen gezien. Seam Reap was onze uitvalsbasis voor het bezoeken van de bekende Angkor Wat tempels. Dit tempelcomplex is prachtig om te zien en heeft een wijde varieteit aan tempels te bieden over een enorm uitgestrekt gebied. Wij hebben de voornaamste in 1 dag gedaan, maar het schijnt dat sommige mensen hier zelfs een week over kunnen doen. Zo hebben we de Angkor Wat tempel gezien enkele tempels in andere stijlen en de bekende tempels uit Indiana Jones en Tomb Raider. Kleine kinderen zwermen hier honderden meters om je heen terwijl ze je souvenirs proberen te verkopen of gewoon om geld of snoep te bedelen, dit bij elke tempel weer.

Vanuit Seam Reap naar de hoofdstad Phnom Penh afgereisd. Hier hebben we de trieste geschiedenis van het land goed meegekregen door de Killing Fields en de gevangenis van de Rode Khmer te bezoeken. Dit doet je de mensen die overgebleven zijn beter begrijpen, desalniettemin riep het bij ons geen medelijden op voor de bevolking. In de hoofdstad van Cambodja zijn vele mooie bouwwerken te bezichtigen, het aanbod aan winkels is ook vrij beperkt. De schaamteloosheid van de bevolking word hier ook nog eens extra duidelijk zichtbaar doordat ze belachelijk hoge prijzen vragen voor de producten die ze aanbieden. Deze evenaren of overtreffen Westerse prijzen. Het grootste lichtpuntje hier was dat we ons visum voor Vietnam hier snel konden regelen.

Vanuit Phnom Penh de lange busrit naar Saigon (Ho Chi Minh City) genomen. Hier waren gelukkig de prijzen weer wat lager en de mensen wat vriendelijker. Het weer was hier echter niet zo goed waardoor we besloten snel noordwaarts te trekken. Het schijnt in Zuid-Vietnam gemiddeld 25 dagen per maand te regenen gedurende het regenseizoen, dit zijn gelukkig dan vaak korte maar hevige buien. In midden Vietnam regent het maar 4 dagen per maand.

We zijn vervolgens bij Phan Tiet uitgestapt om meteen naar de kustplaats Mui Ne door te reizen. Hier konden we een goedkope bungalow krijgen op een resort met een mooie pool aan de zee. Dit gaf ons toch echt wel even de kans om te ontspannen tussen het vele reizen door. De volgende dag was Tim jarig en hebben we een motorbike gehuurd om de duinen hier te kunnen bekijken. Op aanvraag van Tim een manual bike zodat hij zijn motorrijvaardigheden wat kon oefenen. Het is hier gebruikelijk om flink ruig te raggen op deze tweewielers, wij hebben ons in dit aspect aangepast aan de cultuur. Dit resulteerde er echter wel in dat we de “White Dunes” op volle snelheid voorbij waren gereden, deze lagen op 25 km van ons resort, wij bevonden ons inmiddels op 50 km van deze duinen. De locale bevolking kon ons ook niet verder helpen doordat we al zo ver van de duinen waren verwijderd. Na nog lang door de prachtige landschappen van Vietnam te hebben gereden besloten we maar terug te gaan om de “Red Dunes” te gaan bekijken. Deze waren we op de heenweg al gepasseerd, de “White Dunes” trouwens ook, maar die hebben we maar gelaten voor wat het was. Het duinlandschap deed sterk denken aan een woestijn, uitgestrekt en heuvelachtig zonder begroeing. Ze boden ook een mooi uitzicht over de zee. Op de duinen hadden we een klein legertje van kinderen bewapend met matjes achter ons aan, met deze matjes kun je van de duinen af sleeen. Na enkele demonstraties en de belofte dat we niet onder het zand terug zouden komen heeft Tim ook het ook geprobeerd, de belofte van de kinderkes werd echter niet waargemaakt. Tim kwam onder het rode zand terug op het resort waar we ons maar even af hebben gespoeld in de pool.

De volgende locatie was Nha Trang, een andere kustplaats in Midden-Vietnam, groter en toeristischer dan Mui Ne. De voornaamste attractie hier was een boottocht langs de eilanden die voor de kust van Nha Trang liggen. Deze boottocht hebben wij ook gedaan. Samen met een vader en zoon, Jos en Joost, uit Nederland hebben we de boot gevuld met Vietnamese toeristen genomen. De eerste stop was op een Mun Island waar we konden zwemmen en snorkelen, in vergelijking met het aanbod in Ko Tao viel het wat in het niet, maar dit mocht de pret niet drukken. Volgende stop was de lunch op een soort drijvend eiland. Na de lunch werden hier 7 boten aanelkaar gekoppeld en werd op onze boot een band neergezet, onze tourguide begon vervolgens op de muziek die de band produceerde hilarisch te zingen en te strippen. Gekleed in een minirokje zette hij zijn show voort, schurend tegen menig toerist, ik werd niet overgeslagen.. Hierna vond een karaoke battle plaats tussen de boten, elke boot moest een afgevaardigde sturen om een lied te zingen. Daar veel van de Vietnamese toeristen al aardig wat pils hadden gehad zat de sfeer er aardig in, het werd een groot dans en zangfeest. Hierna werd er een floating bar in het water gegooid waar wijn gezopen kon worden. Bij een van mijn duiken vanaf de boot gleed ik op 3 meter hoogte uit en landde ik onfortuinlijk met mijn oor op het water, het slapen op de rechterzijde wou de volgende dagen iets minder goed lukken. Na dit feest troffen we het weer doordat de rest van de wijnvoorraad op onze boot werd geconsumeerd terwijl we de tour afmaakten.

De reis gaat verder richting Hoi An, we zullen proberen een dezer dagen weer wat foto’s op de website te plaatsen als het internet hier dat toelaat.

 
Follow

Get every new post delivered to your Inbox.